Jaarlijks is er 1,3 miljoen kilo Nederlandse schapenwol beschikbaar. Hoe kan een natuurlijke grondstof die eeuwenlang van grote waarde was tegenwoordig grotendeels ongebruikt blijven en zelfs vernietigd worden? Die vraag staat centraal in de nieuwe tentoonstelling Waarde van wol in het Zuiderzeemuseum. In de tentoonstelling brengt het museum ontwerpers, onderzoekers en wolinitiatieven samen rond een actuele vraag: wat is ervoor nodig om Nederlandse wol weer een waardevolle plek te geven in onze samenleving? hou de tekst hetzelfde
Van probleem naar beweging
Jaarlijks blijft veel Nederlandse wol ongebruikt, terwijl het materiaal veelzijdige eigenschappen heeft. Verspreid door Nederland werken ontwerpers, ondernemers, ambachtsmensen en wolredders daarom aan nieuwe manieren om lokale wol opnieuw te benutten. Waarde van wol brengt verschillende van deze initiatieven samen en laat zien hoe historische kennis, vakmanschap en nieuwe technologie elkaar kunnen versterken.
Concrete voorbeelden
Van mode tot isolatiemateriaal en van circulair garen tot interactief textiel: de toepassingen van wol lopen sterk uiteen. Hoe lokaal kan kleding eigenlijk zijn? Op haar Fashion Farm onderzoekt modeontwerper Joline Jolink de mogelijkheden van grondstoffen van Nederlandse bodem. De Gertrude-trui is daarvan een treffend voorbeeld: gemaakt van Nederlandse wol en gekleurd met wede die op de Fashion Farm groeit. Zo verbindt Jolink lokaal materiaal en traditioneel vakmanschap met hedendaags modeontwerp.

Wat als Nederlandse wol die nu ongebruikt blijft, de basis wordt voor nieuwe kleding? In Garen met geheugen werken Platform Bruin, Ministry of Knits en Roosenstein Wolke aan een circulaire wolketen. Ze ontwikkelen onder meer circulair garen, een natuurlijke kleurkaart en een ‘Nederlandse trui’. Zo krijgt Nederlandse wol opnieuw waarde als grondstof voor eigentijdse textielproducten.

Samen werken aan een toekomst
Tijdens de officiële opening van de tentoonstelling op 22 oktober gingen deskundigen vanuit ontwerp en productie, geschiedenis en gemeenschapsvorming met elkaar in gesprek over de toekomst van Nederlandse wol. Een belangrijke conclusie: Nederlandse wol biedt volop mogelijkheden, maar om deze grondstof opnieuw op grotere schaal te benutten, is meer samenwerking nodig. Volgens Nathalie Comans van Ministry of Knits hebben verschillende initiatieven inmiddels bewezen dat Nederlandse wol geschikt is voor hoogwaardige producten. De volgende stap is om kennis, verwerking en productie beter met elkaar te verbinden en continuïteit te creëren. Daarbij hoeft de oude wolindustrie niet letterlijk terug te keren. Zoals ontwerper Dorine van den Beukel van Stichting PLEED het samenvatte: “Nieuwe technieken en oude liefde.”

Over de tentoonstelling
De zoektocht naar een nieuwe toekomst voor wol begint in de tentoonstelling bij het verleden. Wol speelde eeuwenlang een belangrijke rol in het dagelijks leven rond de Zuiderzee, onder meer in de vorm van warme kleding en visserstruien. Nederland kende een omvangrijke wolindustrie, met belangrijke productiecentra in onder meer Leiden, Veenendaal en Tilburg. Naast deze geschiedenis biedt het Zuiderzeemuseum een platform aan hedendaagse ontwerpers en initiatieven die onderzoeken wat Nederlandse schapenwol vandaag de dag kan betekenen.
In het Wollab komen de vele eigenschappen van het materiaal tot leven en is er ruimte voor interactieve onderdelen, zoals het bepalen van je eigen ‘jeukpunt’ en het repareren van wollen kleding.
De tentoonstelling Waarde van wol is tot en met 5 september 2027 te bezoeken in het Schathuys van het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen.
